16 september 2026
Bijdrage Stoffer APB 2025
Lees of bekijk hier de bijdrage van SGP-voorman Chris Stoffer aan de algemene politieke beschouwingen.
De president was er maar wat verguld mee. Een beeld van ruim 7 meter hoog, overtrokken met goud. Met zijn gebalde vuist in de lucht staat hij bij de ingang van het golfresort van Trump. Aanhangers van de Amerikaanse president proberen uit te leggen dat het standbeeld niet gaat over aanbidding, maar alleen om eer. Het zou een viering zijn van het leven en een krachtig symbool van veerkracht, vrijheid en vechten voor Amerika. Maar lang niet iedereen is overtuigd. En ik moet zeggen: persoonlijk heb ik er helemaal niets mee.
Als nuchtere, Nederlandse christen ben ik diep bezorgd over de eerzucht waarmee Trump zich als messias laat gelden.
Het beeld van Trump is zeker niet het eerste en het grootste gouden beeld van een politiek leider. Eigenlijk is de ‘gouden Trump’ maar een bescheiden jochie vergeleken bij het beeld van de communistische dictator Mao in de Chinese provincie Henan. In 2016 richtten boeren en burgers daar een gouden beeld op van maar liefst 36 meter. En dat voor een leider die het grootste aantal slachtoffers heeft gemaakt in de hele wereldgeschiedenis.
Beelden zijn niet zo onschuldig als ze kunnen lijken. Ze symboliseren machten in de wereld die nauw verknoopt zijn met eer, geweld en onderwerping. Dat is niet alleen iets van nu, maar ook al van heel vroeger. Ik neem u mee naar het Babylonische rijk, het huidige Irak. Maar liefst 2500 jaar geleden. En we kennen alle details erover. Het is allemaal precies na te lezen in het Bijbelboek Daniel.
Koning Nebukadnezar liet een gouden beeld voor zichzelf oprichten van 30 meter hoog. En om dat beeld in te wijden, organiseerde hij een grootse viering. Opgeluisterd met een koninklijk concertgebouworkest. De koning liet een verenigde vergadering bijeenroepen met allerlei hoogwaardigheidsbekleders. Eigenlijk een soort Prinsjesdag. Iedereen stond erbij. Wij zouden nu zeggen: ministers, staatssecretarissen, Kamerleden, staatsraden, commissarissen van de koning, gedeputeerden, burgemeesters, raadsleden, enzovoorts. En de koning wilde dat al deze ambtsdragers zouden knielen voor het gouden beeld zodra de muziek begon te spelen. De strafmaat was helder en dreigend: de vuurdood. De spannende vraag is natuurlijk: knielde iedereen? Ik kom daar nog op terug.
De Hollandse nuchterheid is spreekwoordelijk. Wij kennen geen traditie van grote, gouden beelden. We kunnen al steggelen als er ergens op een gehavend grasveldje in Apeldoorn een bescheiden beeld van oud-premier Piet de Jong moet komen. Onze premier moet dus maar niet al te veel hoop koesteren… Vanuit een doorgeslagen schaamtegevoel doen we eerder aan moderne beeldenstorm dan aan beeldendienst. Maar toch. Schijn bedriegt. We doen dan in Nederland misschien niet aan grote, gouden beelden, maar we worstelen in ons land wel degelijk met allerlei machten die ons op de knieën willen krijgen. Dat verdient onze volle aandacht.
De wereld is ook nu het toneel van persoonlijke grillen en de machtshonger van
leiders. We kijken met spanning naar Poetin, Xi en de ayatollahs. Veiligheid is niet vanzelfsprekend, mensenrechten verdampen en de wereldeconomie slingert op een woeste zee. Het is onze taak om te voorkomen dat Nederland moet dansen naar de pijpen van de grootmachten. We zullen op een verantwoorde en realistische manier het nationale belang moeten dienen. We moeten werken aan een meer onafhankelijke economie en energievoorziening, een sterke krijgsmacht en we moeten cruciale voorzieningen, zoals DigiD, beter beschermen. De Wetenschappelijke raad voor het regeringsbeleid gaf terecht aan dat de bril van een liberale wereldorde niet meer volstaat. We kunnen niet eenvoudig rekenen op anderen en moeten daarom investeren in onze eigen onafhankelijkheid. Tegelijk is het niet verstandig om bondgenoten onnodig te vervreemden. Laten we geen vijandbeelden over de Verenigde Staten voeden. Amerika staat nog altijd dichter bij ons dan Xi of de oliesjeiks.
- Hoe bevordert het kabinet de band met bewezen bondgenoten zoals de VS?
Ook internationale big-tech bedrijven kunnen we niet op hun blauwe ogen
vertrouwen. Nieuwe technologie kan nuttig zijn, bijvoorbeeld in ziekenhuizen of voor onze defensie. Maar de drijfveren van technologiebazen zijn soms ronduit duister. Sociale mediabedrijven zijn bepaald geen liefdadigheidsinstellingen.
Inmiddels zijn er de eerste rechtszaken van mensen die hele dagen aan hun scherm geketend zijn. Veel ouders worstelen elke week met schermtijd en steeds meer jongeren ervaren psychische druk door de digitale wereld. Het dagelijks leven van gezinnen en gemeenschappen kan erdoor verschralen, de
eenzaamheid van jongeren en ouderen neemt toe. Leraren vragen zich af hoe zij leerlingen op een goede manier kunnen blijven vormen met de dominantie van AI.
Dat vraagt allereerst wijsheid van opvoeders, maar zij kunnen het niet alleen. Ook de overheid mag niet buigen voor technologische machten. De SGP is daarom voor een verbod op sociale media tot 15 jaar. Bij beschermende maatregelen, zoals leeftijdsverificatie, mogen we de centrale rol van ouders als eerstverantwoordelijke opvoeders niet vergeten.
- Stelt het kabinet de ouders centraal bij de uitwerking van Europese voorstellen?
Kwalijke machten laten zich niet alleen opzichtig gelden als politieke schurken of
als oncontroleerbare technologiereuzen. Ze kunnen soms ook zomaar schuilgaan onder het kleed van een schijnbaar neutrale overheid of een internationale organisatie. Het is heel vreemd om te zien hoe in het Westen sluipenderwijs een islamisering van het publieke domein in de hand wordt gewerkt. Ik wijs bijvoorbeeld op de resolutie waarmee de VN een voorkeursbehandeling voor de
islam opdringt. Ze riepen nota bene een internationale dag uit tegen islamofobie.
Een zeer omstreden term. De VN probeert hiermee oprechte zorgen over de islam weg te zetten als een fobie! Het is belangrijk dat de Kamer hier met de motie van de SGP duidelijk afstand van nam. Die lijn moeten we doortrekken. Laat het ook echt afgelopen zijn met de diepe buigingen die de Nederlandse overheid
maakt voor de islam, bijvoorbeeld door het organiseren of bekostigen van
iftarmaaltijden. Tegelijk moeten we ook alert zijn op meer subtiele, minder zichtbare risico’s, bijvoorbeeld de invloed van organisaties zoals de moslimbroederschap.
- Hoe gaat het kabinet de motie uitvoeren om deze organisatie te verbieden?
Bij alle zorgen over wereldleiders, techreuzen en allerlei vormen van islamisering
zouden de mensenrechten een beschermende macht moeten zijn.
Deze mensenrechten wortelen in de christelijke geschiedenis van het Westen.
Daar hebben we de vrijheid van geweten, geloofsovertuiging en meningsuiting aan te danken, met als fundament de intrinsieke beschermwaardigheid van het menselijk leven als schepsel van God. Wat een enorme zegen! Vandaag de dag zien we echter met grote zorg dat mensenrechten gaan ontaarden. Ze worden juist een levensbedreigende macht, waarvoor alles moet buigen en waaraan
de overheid meewerkt. Een radicale abortus-lobby wil het beëindigen van mensenlevens zelfs tot mensenrecht bestempelen! Een directe bedreiging voor ongeboren kinderen. Hetzelfde geldt voor het faciliteren van abortus. Subsidies worden uitgedeeld of juist ingetrokken, lidstaten onder druk gezet en wakers die zich bij abortusklinieken aan alle regels houden, worden opgepakt. En heel indringend was deze zomer het nieuws dat abortussen ook plaats zouden gaan
vinden bij gezonde kinderen na 22 weken. Ik merk dat de verpleegkundige in het ziekenhuis, ongeacht levensbeschouwing of godsdienst, diepe weerzin ervaart om dit mee te moeten maken.
- Vanuit de grond van mijn hart vraag ik aan het kabinet: wilt u alles doen om deze radicale verruiming in de praktijk niet te accepteren en medisch personeel hier niet mee te confronteren?
De regulering van draagmoederschap is ook een indringend voorbeeld. Het maakt duidelijk dat de rechten van kinderen geofferd worden op het altaar van de
zelfbeschikking van volwassenen. Juridisch gezien is er vanuit de diepste kern van de mensenrechten geen goed woord over te zeggen. Het is een enorme misstand om met voorbedachten rade en op contractuele basis een kind te verwekken in de wetenschap dat het gescheiden zal worden van de moeder die het droeg. De grote leugen hierbij is dat regulering juist misstanden kan voorkomen. Het tegendeel is waar. Wereldwijd is sprake van een miljoenenindustrie. Juist de regulering kan ook in Nederland leiden tot een enorme groei. Daar waarschuwen internationale deskundigen voor. Wie de ontwikkelingen en rechtszaken in Nederland en andere Westerse landen een
beetje volgt, ziet bovendien dat we ons verstrikken in vraagstukken waarbij vooral het kind de verliezer is. Denkt u aan wensouders die het kind al dan niet vanwege complicaties tijdens de zwangerschap niet meer wensen en aandringen op een abortus. De vrouw wordt gereduceerd tot haar baarmoeder, het kind tot koopwaar. Het is niet anders dan een nieuwe vorm van slavernij. Hoe is dit te verenigen met de fundamentele rechten van vrouw en kind? Op deze weg is geen zegen te verwachten voor onze samenleving. Daarom heeft de SGP in de afgelopen periode voor deze onderwerpen intensief aandacht gevraagd bij het kabinet. En in de komende periode zullen deze zaken voor ons het zwaarst wegen bij de beoordeling van het kabinet. We gaan ons in de komende maanden buigen over allerlei begrotingen, maar de politiek mag niet vergeten dat het geld de gerechtigheid moet dienen.
Aan het begin van mijn bijdrage stelde ik de vraag: knielden alle hoogwaardigheidsbekleders voor dat gouden beeld van Nebukadnezar? Zijn er mensen die hun rug recht houden? Het antwoord is hoogst opmerkelijk en niet anders dan een wonder: drie hoge ambtenaren knielden niet. In de grote massa kregen drie jonge Joodse mannen de moed om te blijven staan. Hun antwoord was even kort als beslist: wij knielen niet voor uw beelden en afgoden. Het is wonderlijk dat het Joodse volk ondanks alle intimidatie, intriges en internationale druk tot op de dag van vandaag overeind blijft. Even wonderlijk zijn de getuigenissen van vervolgde christenen die staande worden gehouden tegen alle bedreiging en geweld in. Wereldwijd gaat het om bijna 400 miljoen christenen. Denk aan het verstikkende communistische bewind in Noord-Korea. Denk aan het onderdrukkende islamitische regime in Iran. Denk aan de terreur van islamitische groeperingen in Nigeria.
- Wat kunnen christenen in deze landen van ons kabinet aan extra inzet verwachten?
Laten wij uit deze geschiedenissen en getuigenissen in ieder geval hoop en moed putten. De hoop dat kwade machten niet zullen overwinnen. De moed om niet te buigen.We zijn in deze wereld omgegeven door allerlei machten. Die kunnen vervaarlijk veel indruk op ons maken. Maar hoe machtig ze ook lange tijd kunnen zijn, ze gaan uiteindelijk ten onder. Het goud van de grote beelden wordt dof. De beelden zelf verdwijnen. Het beeld van Nebukadnezar is nergens meer te vinden en zelfs het grote beeld van Mao is alweer afgebroken.
De beelden en machten in deze wereld zijn onze knieval niet waard. Er is maar één ding dat echt indrukwekkend is: dat is de wijsheid en de grote liefde van God.
Hij wil geen gouden beeld voor Zichzelf, maar Hij liet een ruwhouten kruis oprichten voor Zijn Zoon Jezus Christus. Dat kruis stempelt de geschiedenis van het Westen. Het is overal te zien! Op het platteland en middenin steden.
Laat Nederland de kracht van dát kruis ontdekken! Aan dát kruis zijn de grootste en meest duistere machten overwonnen en gaat een streep door zonde, schuld en kwaad. Aan dát kruis zien we de macht van de liefde. Die blaast zichzelf niet op, maar die maakt zich juist klein om te dienen en vrijheid te geven. Zo zei Jezus Christus het Zelf. Het is te lezen in Mattheüs 20:28: “De Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden,