16 juni 2026

Algemene beschouwingen 2026 met Marinus van Reymerswale

Op dinsdag 16 juni 2026 werden de algemene politieke beschouwingen naar aanleiding van de kadernota uitgesproken in de gemeenteraad van Reimerswaal.  U leest hieronder de bijdrage van de SGP:

Voorzitter,
Heeft u weleens gehoord van Marinus van Reymerswaele? 

Marinus werd ergens tussen 1480 en 1490 geboren in de stad Reymerswaele. De stad die in de middeleeuwen de hoofdstad was van Zuid-Beveland en de derde grootste stad van Zeeland. Na Middelburg en Zierikzee.

In 1375 had Reymerswaele stadsrechten gekregen, en zo kreeg de stad een sterke handelspositie. Op oude kaarten kun je zien waar de rijkdom vandaan kwam: de schepen die over de Schelde voeren brachten handelswaar en tolgeld naar de stad. Ik dacht, ik noem het maar even. Misschien dat ik de wethouder financiën op het idee breng om die tol mogelijkheid opnieuw te onderzoeken.

In Reymerswaele was ook volop kunst en cultuur te zien en te verkrijgen. En iemand die daarin een grote rol speelde was Marinus. Marinus van Reymerswaele. Hij ging in zijn jeugd studeren in Leuven. Hij wilde kunstschilder worden. Hij kwam daar met de veerdienst Reimerswaal-Antwerpen. Over openbaar vervoer gesproken.

In 1530 opende hij zijn eigen kunstatelier in de stad. 1530 was overigens ook het jaar van de beruchte Sint Felixvloed. Het spreekwoordelijke begin van het einde van de stad Reymerswaele. Marinus heeft dit kunstatelier 10 jaar gerund, tot 1540. Toen verliet ook hij uit de stad waar inmiddels steeds meer mensen vertrokken.

Als je de werken van Marinus bekijkt zie je dat hij vooral schilderde over thema’s als macht, geld en verantwoordelijkheid. De vraag die hij steeds met zijn schilderijen lijkt te stellen is: hoe gaat u om met uw verantwoordelijkheid, macht, geld en bezit? Hij wilde met zijn werken laten zien dat financieel beheer niet los staat van de morele en geestelijke verantwoordelijkheid die wij dragen.

"Als je de werken van Marinus bekijkt zie je dat hij vooral schilderde over thema’s als macht, geld en verantwoordelijkheid. De vraag die hij steeds met zijn schilderijen lijkt te stellen is: hoe gaat u om met uw verantwoordelijkheid, macht, geld en bezit?"

Marinus inspireerde veel van zijn werken op geschiedenissen in de Bijbel. Dat was niet zo vreemd. Het christelijk geloof speelde een belangrijke rol in het dagelijks leven van Reymerswaele. Zoals ook in alle andere Zeeuwse steden in de late middeleeuwen. Het geloof was niet slechts een overtuiging voor achter de voordeur, maar ook verweven met bestuur, cultuur, onderwijs, armenzorg en het sociale leven.

Eén van de werken van Marinus van Reymerswaele is zijn schilderij ‘de onrechtvaardige rentmeester’. Dat schilderij is gebaseerd op de Bijbelse gelijkenis over ‘de onrechtvaardige rentmeester’ die Jezus aan zijn volgelingen vertelde. U kunt dat in het Evangelie van Lucas lezen. 

De onrechtvaardige rentmeesterDe onrechtvaardige rentmeester

De onrechtvaardige rentmeester- geschilderd door Marinus van Reymerswaele

Voor iemand uit het voormalige Reymerswaele had het begrip rentmeesterschap veel betekenis. De stad leefde namelijk van handel, belastingen, rechten en grondbeheer. Rentmeesters speelden daarin een belangrijke rol. Zij waren belast met het innen van de inkomsten en het beheer van de bezittingen van hun grondbezitter of de Baljuw, de plaatselijke overheid. Vanzelfsprekend moest een rentmeester dus betrouwbaar zijn. Hij was namelijk belast met het vermogen van een ander. En dat is ook de essentie van de gelijkenis die op dit schilderij wordt uitgebeeld. De rentmeester wordt hier ontslagen omdat hij onrechtvaardig handelt. Datgene wat deze rentmeester was toevertrouwd, gebruikte hij namelijk om zichzelf te dienen en te verrijken.

En zo, voorzitter, staan we met dit schilderij van Marinus van Reymerswaele ook ineens midden in het heden. Want de boodschap dat financieel beheer niet los staat van morele en geestelijke verantwoordelijkheid is ook vandaag nog van toepassing.

Dat wat aan ons bestuur is toevertrouwd, waarover wij als rentmeesters gezet zijn, moeten wij in de eerste plaats niet beheren om ons eigen gewin te dienen. Maar wij moeten die verantwoordelijkheid gebruiken om hem te dienen die ons deze verantwoordelijkheid heeft gegeven.

En daarom moeten wij als bestuur, als college en raadsleden, onszelf de vraag stellen: wie heeft ons verantwoordelijk gemaakt? Aan wie moeten wij rekenschap afleggen van ons rentmeesterschap? En dus: aan welke bron ontlenen wij onze morele en geestelijke principes? Het antwoord op die vraag is namelijk nogal bepalend voor de keuzes die wij maken.

"Dat wat aan ons bestuur is toevertrouwd, waarover wij als rentmeesters gezet zijn, moeten wij in de eerste plaats niet beheren om ons eigen gewin te dienen. Maar wij moeten die verantwoordelijkheid gebruiken om hem te dienen die ons deze verantwoordelijkheid heeft gegeven."

Moeten wij verantwoording afleggen aan onze inwoners? Ik ben het met u eens dat wij verantwoordelijkheid dragen voor het welzijn van al onze inwoners. Maar het bevorderen van welzijn is niet hetzelfde als verantwoording verschuldigd zijn.

Of dragen we alleen de verantwoordelijkheid die we onszelf opleggen? Zijn wij onze eigen norm? Kan ieder doen wat goed is in zijn eigen ogen? U bent het vast met mij eens dat wanneer ieder handelt naar eigen inzicht, vervolgens een gemeenschappelijke norm ontbreekt en willekeur de plaats van verantwoordelijkheid dreigt in te nemen.

Zijn wij misschien de rentmeesters van ons voorgeslacht? Ik zal de laatste zijn die ontkent dat wij aan hen geen respect verschuldigd zijn. Maar welke stem uit het verleden is voor ons dan maatgevend? We zullen misschien allemaal iemand kunnen vinden die overeenstemt met onze eigen ideeën.

Aan ons nageslacht dan? Een goede rentmeester houdt zeker rekening met toekomstige generaties en bewaart wat van waarde is. Maar om dan te stellen dat ons nageslacht het laatste woord heeft is teveel gezegd. Veel belangrijker is de vraag welke morele en geestelijke principes wij aan hen meegeven.

Voorzitter, wanneer wij onze normen willen ontlenen aan de principes van persoon A of persoon B komen we er nooit uit. Wij hebben daarom een bron buiten onszelf nodig om het antwoord te vinden op de vraag van wie wij onze verantwoordelijkheid hebben ontvangen.

Mevrouw Sinke van PRO sprak tijdens het duidingsdebat 2 maanden geleden: ‘De aarde is namelijk niet van ons’. En zij had daarmee helemaal gelijk. Want wij zijn onze eigen oorsprong niet. In het begin schiep God de hemel en de aarde. Wij mogen ons daarom in onze verantwoordelijkheid niet losmaken van Hem en van het Woord dat Hij ons heeft gegeven. Gods geboden en beloften zijn de vaste peilers voor een samenleving met orde, rust, respect, veiligheid en sociale zekerheid.

Ik hoop dat we de les van Marinus van Reymerswaele ter harte nemen en dat wij het financieel beheer van onze gemeente nauw laten samenhangen met de morele en geestelijke verantwoordelijkheid die wij dragen. Zo willen wij ook kijken naar deze kadernota die voor ons ligt.

Voorzitter,

De kadernota die uw college onze raad voorlegt laat zien dat u zoekt naar een stevige basis voor het financieel beleid. Heel deze kadernota ademt een sfeer dat geprobeerd wordt om zonder lastenverhoging voor onze inwoners toch zoveel mogelijk invulling te geven aan alle ontwikkelingen die de aandacht van onze gemeente vragen. Ondanks dat er best wat druk op de begroting staat, hoeven onze inwoners volgend jaar geen verhogingen te verwachten van de OZB, afvalheffing of begraafrechten. Met name vanwege onze goed gevulde algemene reserve kunnen we er nu voor zorgen dat deze lastenverhogingen buiten beeld blijven. Het voorzichtig aanwenden van onze reserves kan dan ook op onze volledige steun rekenen.

Toch willen we nog wel vragen en opmerkingen plaatsen op het financiële vlak. In de eerste plaats willen wij graag de vinger leggen bij het naast zich neerleggen van onze negatieve zienswijzen door de VRZ, RUD en GGD. Opgeteld kost Reimerswaal dat 340.000 euro per jaar. Dat is een aanzienlijke aanslag op onze begroting. En dit soort ‘acties’ versterken alleen het idee maar dat niet het college of de raad, maar het bestuur bij gemeenschappelijke regelingen steeds meer het laatste woord hebben over onze financiële situatie. Wij hebben niets tegen gemeenschappelijke regelingen, maar wel als wij keer op keer geconfronteerd worden dat zij zichzelf niet alleen als uitvoeringsorgaan maar meer als beleidsorgaan zien.

Kan het college hierop reflecteren? Hoe zorgen we ervoor dat de noodzaak van bezuiniging ook bij gemeenschappelijke regelingen gevoeld wordt. En hoe kunnen we in gemeenschappelijke regelingen een cultuur creëren dat bij het woord bezuiniging niet direct aan het afschalen van het voorzieningenniveau wordt gedacht, maar dat juist ook op organisatorisch niveau wordt gekeken naar de mogelijkheden om te bezuinigen? Zoals wij dat ook in onze eigen kadernota doen?

Onze fractie zou ook graag wat meer duidelijkheid ontvangen in de financiële kosten en opbrengsten van de Oekraïners en statushouders opvang in onze gemeente. Bijvoorbeeld de kosten voor de huisvesting, de veiligheidsmaatregelen, scholing etc. En ook krijgen we graag meer zicht op de opbrengsten vanuit het Rijk. Kan het college ons toezeggen dat er een notitie komt, wat de raad inzicht geeft in de financiële stromen op dit gebied?

Daarnaast zijn we, uiteraard, benieuwd naar de financiële doorrekening van het bestuursakkoord. Kunnen we dit voor de behandeling van de begroting in het najaar verwachten?

Voorzitter, de kadernota gaat zeker niet alleen over de cijfers, maar vooral ook om wat die cijfers betekenen voor onze inwoners. Denk aan veilige dorpen, goede zorg, voldoende woningen, een bloeiende economie en een leefbare gemeente. We kunnen niet overal op ingaan, maar een aantal zaken wil ik graag benoemen.

"Voorzitter, de kadernota gaat zeker niet alleen over de cijfers, maar vooral ook om wat die cijfers betekenen voor onze inwoners."

Veilige dorpen

Bij veilige dorpen hoort ook handhaving. In dat verband spreekt de kadernota over de aanstelling van een nieuwe handhavingsjurist. Kan het college ons duidelijk maken welke problemen hiermee opgelost worden? En een voor ons belangrijkere vraag is: Wanneer bijvoorbeeld duidelijk is dat juridisch gezien bijvoorbeeld geluidsregels overtreden worden, Gaan we die dan ook handhaven?

Goede zorg

Deze kadernota gaat ook over het welzijn van onze inwoners en het zorgen dat niemand in onze gemeente tussen wal en schip valt. Als we het hierover hebben willen we graag de grote waarde van mantelzorg benadrukken in onze gemeente. De rol van kerken en verenigingen is hierin onmisbaar. Zonder die talloze vrijwilligers zou onze ‘zorgparagraaf’ onbeheersbaar blijven.

We zien ook vol goede moed op het vorige jaar gestarte Lokaal Team Reimerswaal. We hebben er vertrouwen in dat we met deze werkwijze meer financiële grip op jeugdzorg en WMO zullen krijgen. Via de werkgroep sociaal domein hebben we begrepen dat in de toekomst uitbreiding met deskundige medewerkers nodig is om het sterk lokaal team verder te professionaliseren. Dat lijkt ons op zichzelf een prima ontwikkeling. Wel zouden we het belang van de keuzevrijheid van onze inwoners willen benadrukken. Zeker als er sprake is van mentale zorg kan het als inwoner erg fijn zijn om gebruik te maken van zorg die aansluit op iemands levensbeschouwing. We horen graag van het college of die keuzevrijheid gegarandeerd blijft.

In het bestuursakkoord is opgenomen dat inwoners van onze gemeente gebruik kunnen maken van een financiële ondersteuning voor relatietherapie. Kan het college al aangeven wanneer we hiervoor een meer uitgewerkt voorstel kunnen verwachten?

Voldoende woningen

Een ander onderwerp waar we uiteraard aandacht voor vragen is de bouw van nieuwe woningen. In sommige woonkernen is de afgelopen tijd wat meer duidelijkheid gekomen over toekomstige woningbouwontwikkelingen. Sommige projecten komen ook binnenkort al van de grond. Maar in andere woonkernen, zoals in Krabbendijke en Oostdijk, zakt bij onze inwoners de moed soms in de schoenen. Kan het college ons laten weten of er nog nieuwe ontwikkelingen op dit gebied te melden zijn? En kan het college toezeggen om de raad periodiek op de hoogte te houden in dit dossier? Bijvoorbeeld ieder kwartaal?

Een bloeiende economie

Voorzitter, wij vragen ook aandacht voor de waarde van een bloeiende economie in onze gemeente. Er wordt op dit moment veel grond aangekocht t.b.v. woningbouw en bedrijventerreinen. Wij zouden graag willen weten wanneer het college met een uitvoeringsprogramma komt voor het ontwikkelen van deze aangekochte grond voor bedrijventerreinen.

In de kadernota staat ook de uitgestelde verblijfsbelasting voor arbeidsmigranten, met een vrijstelling voor agrariërs. Wij hebben op dit moment nog wel onze vraagtekens of de 2,15 per nacht wel in verhouding staat tot de belasting die permanente inwoners betalen van onze gemeente. En onze vraag aan uw college is daarom: Wanneer mogen wij een uitgewerkt voorstel of verordening verwachten waarin zowel een goede onderbouwing staat voor het tarief per nacht en waarin ook de juridische basis voor de vrijstelling van agrariërs goed geregeld is?

Een ander belangrijk onderwerp is de bestrijding van de Aziatische hoornaar. Onze fractie vraagt aandacht voor de opkomst van dit insect. De kosten voor de bestrijding ervan kunnen flink oplopen. Anderzijds is de impact groot voor o.a. de fruitteeltsector, imkers en de biodiversiteit in het algemeen. Een nest van de Aziatische hoornaar eet jaarlijks 11 kilo insecten, waarvan de helft honingbijen. Dat raakt regelrecht de voedselproductie. Erkent het college met ons het belang van de bestrijding van de Aziatische hoornaar, het liefst in collectief verband binnen Zeeland?

Een leefbare gemeente

Voorzitter, bij een leefbare gemeente horen ook goede voorzieningen. Een voorziening waar we de aandacht voor willen vragen is het basisonderwijs. Er zijn in de vorige periode prognoses gemaakt voor de toekomstige leerlingenaantallen van onze basisscholen. Door verschillende woningbouwprojecten kunnen die aantallen ook weer wijzigen ten opzichte van de prognose. Neemt uw college deze ontwikkelingen mee in de prognoses? En andersom: houd uw college ook rekening met het feit dat woningbouw voor sommige basisscholen zelfs noodzakelijk is om te blijven bestaan? En dan denken we bijvoorbeeld aan de school in Oostdijk waar op dit moment veel uitstroom is van leerlingen, maar weinig instroom.

De eerstvolgende school die aan vervanging toe is, is het basisschool D’n Akker in Waarde. We hebben begrepen dat daar nu, bij regenval, emmers neergezet worden om het water op te vangen. Kan het college ons aangeven of de geplande nieuwbouw met overgang in de zomer van 2027 nog gehaald zal worden?

In het kader van onderwijs zou onze fractie ook graag aandacht willen vragen voor de recente ontwikkelingen op het gebied van thuisonderwijs. Een nieuwe, niet bindende, richtlijn stelt dat gemeenten geen vrijstellingen meer mogen geven voor het verlenen van thuisonderwijs op basis van levensbeschouwing. Los van het feit dat wij geen enkele aanmerking willen maken op het reguliere onderwijs vinden wij dat een zeer zorgelijke ontwikkeling. Kinderen staan in de eerste plaats onder de verantwoordelijkheid van hun ouders, en niet in de eerste plaats onder de verantwoordelijkheid van de staat. En het is niet de staat, maar ouders die in de eerste plaats de verantwoordelijkheid hebben over het onderwijs voor hun kinderen. Is het college dat met ons eens en mogen wij deze grondhouding verwachten wanneer deze discussie hier zal spelen?

Ik rond af. Wij lieten ons aan het begin van mijn bijdrage aan de hand van Marinus van Reymerswaele meenemen naar de gelijkenis over de onrechtvaardige rentmeester. Voorzitter, er komt een dag dat wij allen rekenschap moeten afleggen van ons rentmeesterschap. Maar wij hoeven die dag niet te vrezen wanneer wij Jezus, die zich dan zal openbaren als Rechter, nu leren kennen als Zaligmaker. Want God heeft Zijn Zoon niet gezonden in de wereld, opdat hij de wereld veroordelen zou, maar opdat de wereld door Hem zou behouden worden.

Wij wensen uw college, de ambtenaren en ons als raad van harte Gods zegen toe!

Ik dank u wel!

Fractievoorzitter Daniël van Iwaarden heeft namens onze fractie het woord gevoerd tijdens deze vergadering